, Nieuws voor professionals

Inkomensloze partner, minder heffingskorting

Uitgegeven: 12 maart 2009 12:33
Laatst gewijzigd: 12 maart 2009 12:37

Partners zonder inkomen kunnen jaarlijks een fors bedrag aan heffingskorting uitbetaald krijgen. Maar daarin gaat geleidelijk verandering komen. En het is in deze crisistijd bepaald niet uitgesloten dat er verdergaande beperkingen worden aangebracht en dat het allemaal ook nog wat sneller zal gaan.

Door Dick van den Hoeven | Kluwer Belastinggids

In vervlogen tijden waren mannen Hoofd van het gezin. Die eretitel ontleenden zij aan hun kostwinnerschap. Vrouwen bleven namelijk thuis om voor de kinderen te zorgen, die overigens in grotere getale de kleine huiskamers bevolkten dan vandaag de dag. Dus wie was er nu eigenlijk Hoofd van het gezin?

In die tijd betaalden getrouwde mannen minder belasting dan 'vrijgezellen' (samenwoners bestonden nog niet). De getrouwde man moest immers meer mensen onderhouden van zijn loon. Een volstrekt logische situatie vond men dat toen.

Fiscus
Je zou verwachten dat daar in deze tijd van crèches en gastouders anders over gedacht wordt. Maar zie, de noeste kostwinner wordt nog steeds ontzien door de fiscus. De partner die geen betaald werk verricht en ook geen ander inkomen heeft, kan jaarlijks een aardig bedrag uitbetaald krijgen aan heffingskorting, desgewenst ook in maandelijkse termijnen.

Toch is er nu dan verandering in gekomen. En misschien gaan de ontwikkelingen opeens nog harder dan verwacht.

Heffingskorting
De heffingskortingen zijn ingevoerd bij de grote belastingherziening in 2001 en inmiddels bestaat er een grote variëteit aan deze belastingkortingen. De belangrijkste heffingskorting is de algemene heffingskorting en die geldt voor iedereen. Het maakt niet uit of u werkt, een uitkering ontvangt, renteniert, studeert of het huishouden verzorgt, de algemene heffingskorting is altijd van toepassing. Die algemene heffingskorting voor 2008 bedraagt 2074 euro. 

Zoals het woord ook al doet vermoeden, vormt de heffingskorting een korting op de verschuldigde belasting (eigenlijk belasting en premies samen). De verschuldigde belasting loopt met het inkomen op van 33,60 procent (bij een inkomen tot 17580 euro) tot 52 procent (bij een inkomen van meer dan 53860 euro).

Belasting
Het betekent bijvoorbeeld dat over een jaarinkomen tot pakweg 6200 euro per saldo geen belasting is verschuldigd; de verschuldigde belasting is dan nog lager dan de algemene heffingskorting. Daarom kan bijvoorbeeld de student of huisvrouw/-man een dergelijk bedrag bijverdienen zonder dat enig belastingbedrag verschuldigd is; eventueel ingehouden belasting kunnen zij dan terugkrijgen.

Aan de algemene heffingskorting zou u niets hebben, als er door het ontbreken van een substantieel inkomen (vrijwel) helemaal geen belasting verschuldigd is. Dan kunt u die algemene heffingskorting immers niet geldend maken. Er is echter een mogelijkheid om de algemene heffingskorting uitbetaald te krijgen als u een partner hebt die zelf, na aftrek van de eigen heffingskorting, nog voldoende belasting verschuldigd is.

Kostwinnersgezinnen
Maar deze faciliteit voor kostwinnersgezinnen (door critici wel denigrerend de aanrechtsubsidie genoemd) gaat vanaf 2009 geleidelijk verdwijnen. De regering hoopt dat de niet-verdienende partner daardoor zal worden gestimuleerd om betaald werk te aanvaarden.

Het plotseling wegnemen van zo'n groot bedrag zou vele gezinnen in grote problemen brengen. Vandaar dat de weg van de geleidelijkheid is gekozen. Ieder jaar een stukje eraf. Genoeg om het te merken, maar weer niet zo veel dat men eronder lijdt.

Afbouw
Concreet zal de uitbetaling van de algemene heffingskorting in vijftien jaar worden afgebouwd. Vanaf 2009 wordt de uitbetaling elk jaar verlaagd met 6 2/3 procent.

Een uitzondering geldt voor gezinnen met een kind van vijf jaar of jonger. Voor hen blijft de uitbetaling van de algemene heffingskorting onverkort van toepassing. Wordt het kind zes jaar, dan geldt vanaf het volgende jaar wel de verlaagde korting.

1972
Een tweede uitzondering geldt als de niet-verdienende partner geboren is vóór 1 januari 1972; ook dan blijft de uitbetaling van de algemene heffingskorting volledig bestaan. In dat geval blijft de afbouw ook in de toekomst dus geheel achterwege.

Althans: volgens de huidige regels. Want in deze crisistijd is het bepaald niet uitgesloten dat er verdergaande beperkingen worden ingevoerd in de uitbetaling van de heffingskorting. Het kabinet heeft immers aangegeven dat er eigenlijk geen heilige huisjes meer zijn. Dus zou deze faciliteit best wel eens wat sneller kunnen gaan sneuvelen.

© NUzakelijk/Dick van den Hoeven
Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken

nuzakelijk.nl is onderdeel van het netwerk van de ilse media groep bv. 2009