, Nieuws voor professionals

Het einde van kapitalisme

Uitgegeven: 24 april 2009 09:56
Laatst gewijzigd: 24 april 2009 10:01

Door de huidige economische malaise staat het marktdenken onder druk. Wat komt ervoor in de plaats?

Door F.E. Huibers | Het Haags Effectenkantoor

Keynes
In de naoorlogse jaren werd economisch beleid vooral geïnspireerd door het gedachtegoed van de Britse econoom John Maynard Keynes. Hij wist velen te overtuigen dat bijvoorbeeld werkloosheid effectief te bestrijden was door de publieke uitgaven te verhogen.

Werkgelegenheidsprojecten en investeringen in publieke werken zouden oplopende werkloosheid als gevolg van een teruglopende conjunctuur snel de kop indrukken.

Als de tijdelijk ingezakte conjunctuur weer herstelde, kon de overheid de opgenomen kredieten weer soepel aflossen. Een actief economisch beleid van de overheid zou een einde maken aan de periode van langdurige recessie zoals de jaren dertig.

Bittere pil

In de jaren zeventig bleek de stabiliserende werking van overheidsbestedingen ver te zoeken. Volgens het vertrouwde recept had de overheid haar bestedingen opgevoerd als antwoord op de oplopende werkloosheid.

Maar deze bleek echter hardnekkig hoog ondanks de uitgaven, mede als gevolg van de alsmaar stijgende loonkosten.

Tegelijkertijd brak de tijd maar niet aan dat de overheid haar (tijdelijk aangegane) schulden weer kon gaan aflossen. Door de combinatie gierende inflatie (loonprijsspiraal) en de stagnerende economische groei, liepen de tekorten van de overheid steeds verder op.

Stagflatie
De term stagflatie dook steeds vaker op en begin jaren tachtig zijn diverse centrale bankiers, waaronder de Amerikaan Paul Volcker, tot de conclusie gekomen dat het overheidsbeleid gefaald heeft.

Zij hebben het besluit genomen om tegen de voorschriften van het heersende gedachtegoed van Keynes, tijdens een recessie de rente fors te verhogen. De onaanvaardbare toestand van stagflatie kon alleen doorbroken worden als het bittere medicijn van renteverhogingen consequent toegediend werd.

Uiteindelijk gebeurde wat de ‘nieuwe economen' voorspelden: begin jaren tachtig daalde de inflatie naar normale niveaus en begon de massawerkloosheid te verdwijnen.

Reagan revolutie
Het hiaat dat het failliet van het Keynesiaanse school achtergelaten had, werd spoedig gevuld door een nieuwe stroming onder economen. Het belangrijkste punt dat deze economen naar voren brachten, was dat vraag en aanbod in de markt de meest effectieve toezichthouder was.

Zij werden bekend onder de term ‘neoklassieke economen', omdat zij teruggrepen naar de beschrijving van de wijsheid van de 'onzichtbare hand' van de econoom Adam Smith.
Volgens deze grondlegger van de economische wetenschap, moesten overheden vooral niet tussenbeide komen als de participanten in de vrije markt op natuurlijke wijze een evenwicht vonden. Dat evenwicht was correct, houdbaar en daarmee sociaal aanvaardbaar.

De politieke vaandeldragers van deze visie zijn de in de jaren tachtig verkozen leiders zoals Ronald Reagan en Margaret Thatcher. Zij zijn actief op de bres gesprongen voor de regulerende werking van de vrije markt. De terugtredende overheid moest privatiseren, dereguleren en zich louter toeleggen op niet privatiseerbare taken zoals defensie.

Contrarevolutie
Gedurende de jaren tachtig kreeg het marktdenken steeds meer de wind in de rug. Ook buiten het Westen. Landen in Latijns-Amerika privatiseerden driftig en voormalig communistische landen zoals China, India en Rusland liberaliseerden.

De huidige economische crisis doet veel stemmen opgaan dat de overheid actief moet ingrijpen om de excessen in te dammen, die tot de huidige crisis hebben geleid.

Veel politici zijn voorstander de herinvoering van een meer Keynesiaans economisch beleid. Er blijven zeer weinig beleidsmakers over die zich openlijk in het neoklassieke economische kamp scharen. Daarmee lijkt de contrarevolutie een feit.

© NUzakelijk
Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken

nuzakelijk.nl is onderdeel van het netwerk van de ilse media groep bv. 2009