, Nieuws voor professionals

De bijtelling

Uitgegeven: 21 april 2009 17:15
Laatst gewijzigd: 21 april 2009 17:15

Wanneer een werknemer (dat kan ook een directeur-grootaandeelhouder zijn), ondernemer of freelancer een auto van de zaak ter beschikking krijgt, ontvangt hij officieel 'loon in natura'.

Bij de werknemer moet de werkgever over het voordeel van het privé-gebruik van een personen- of bestelauto van de zaak loonbelasting, premie volksverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet inhouden. Dit fenomeen is ook wel bekend onder het beruchte en veelbesproken begrip bijtelling.

De waarde van het voordeel van het privégebruik wordt gesteld op een percentage van de cataloguswaarde van de auto. Dit noemt men het autokostenforfait. Men mag dus niet een eigen waarderingsmethode gebruiken. Het autokostenforfait geldt voor ondernemers, werknemers en freelancers (officieel genieters van resultaat uit overige werkzaamheden, fiscaal ook wel resultaatgenieters genoemd).

Belastingdienst
Bij werknemers moet dit voordeel bij het loon worden geteld. Aldus rekenen werknemers bij iedere loonbetaling de bijtelling direct af met de Belastingdienst. Ondernemers en resultaatgenieters moeten de bijtelling in hun aangifte inkomstenbelasting opnemen, waardoor zij na afloop van het kalenderjaar pas afrekenen.

Het autokostenforfait geldt alleen voor personenauto's en bestelauto's en niet voor vrachtauto's, motoren en (brom)fietsen. Tenslotte vallen buiten het autokostenforfait een als zodanig ingerichte, kenbare en uitsluitend bedrijfsmatig in gebruik zijnde politieauto, brandweerauto, (dieren)ambulance, lijkwagen, gevangenenauto en geldtransportauto.

Bijtellingshoogte
De hoogte van het bedrag dat men moet bijtellen is afhankelijk van de mate waarin de auto milieubelastend is. Er gelden drie percentages voor dit jaar: 25 procent, 20 procent en 14 procent van de cataloguswaarde van de auto.

Voor een auto met een zeer geringe CO2-uitstoot geldt het lage percentage van ten minste 14 procent. Bij een geringe CO2-uitstoot geldt ten minste 20 procent. In alle andere gevallen geldt ten minste 25 procent. Als de automobilist echter overtuigend kan aantonen dat hij op jaarbasis minder dan 500 privékilometers heeft gemaakt, is de bijtelling 0 procent.

Voor een ondernemer bedraagt de bijtelling nooit meer dan de werkelijke kosten voor de auto die hij in dat jaar van de winst heeft afgetrokken.

Minimum
De bijtelling van 25 procent, 20 procent of 14 procent is een minimum. Als de Belastingdienst kan bewijzen dat de waarde van het privégebruik meer is dan dat percentage, moeten alle autokosten evenredig verdeeld worden over de zakelijke en privékilometers. De bijtelling is dan het bedrag dat toegerekend wordt aan de privékilometers.

Of een auto een geringe of zeer geringe CO2-uitstoot heeft, is afhankelijk van de brandstofsoort. Voor een dieselauto mag de uitstoot maximaal 95 g/km zijn om voor het 14 procent-tarief in aanmerking te komen, voor het 20 procent-tarief geldt een maximale uitstoot tussen 95 en 116 g/km. Bij auto's met een andere brandstofsoort (bijvoorbeeld benzine of LPG) zijn die waarden respectievelijk 110 en 140 g/km.

Voorbeelden
Voorbeelden van 14 procent-benzineauto's zijn de Toyota Prius, Citroën C1, Daihatsu Cuore 1.0 (109), Honda CIVIC Hybride, Peugeot 107, Toyota Aygo en Smart fortwo mhd. De dieseluitvoering van de Smart fortwo (cdi) valt ook onder het 14 procent-tarief.

Een hele keur aan auto's voldoet aan het 20 procent-tarief. De autodealer beschikt over alle informatie.

Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken

nuzakelijk.nl is onderdeel van het netwerk van de ilse media groep bv. 2009